Index 2025 sporters met een beperking: Motivatie om te sporten hoog

26 maart 2026

Het kritische punt dat blijkt uit de sportindex over 2025: de ondersteuning moet beter aansluiten op de behoefte. Veel mensen met een beperking willen graag sporten. Dat blijkt uit de nieuwste meting van de Sportdeelname Index (SDI) van Fonds Gehandicaptensport.

Of mensen daadwerkelijk gaan sporten, hangt vooral af van praktische ondersteuning, goede begeleiding en toegankelijk aanbod.

Uit het onderzoek blijkt dat 34% van de mensen die geen of lichte beperkingen ervaren, wil beginnen met sporten. Bij mensen met een matige of ernstige beperking ligt die wens zelfs hoger: 43%. Volgens Fonds Gehandicaptensport laat dit zien dat het potentieel om meer mensen te laten sporten groot is. Tegelijkertijd blijkt dat motivatie alleen niet voldoende is.

Drempels die sportdeelname bemoeilijken

Mensen met een ernstige beperking lopen vaker tegen praktische en fysieke obstakels aan. Denk bijvoorbeeld aan vermoeidheid, pijn tijdens het sporten, prikkelgevoeligheid of onzekerheid over welke sport geschikt is. Ook spelen financiële drempels een grotere rol. Niet het gebrek aan motivatie, maar omstandigheden bepalen vaak of sportdeelname lukt. Het gevolg is dat mensen soms niet beginnen met sporten of ermee stoppen, terwijl ze eigenlijk wel willen sporten.

De vier grootste belemmeringen om niet te sporten zijn:

  • Vermoeidheid/gebrek aan energie
  • Pijn bij sportieve activiteit
  • Te veel prikkels (bijvoorbeeld geluid, drukte, licht)
  • Angst voor pijn

Samenhang in ondersteuning

De Sportdeelname Index laat zien waar mensen afhaken in het proces richting sportdeelname. Ook maakt het onderzoek zichtbaar welke drempels het zwaarst wegen en waar kansen liggen om mensen juist wél te laten instromen.

Volgens Fonds Gehandicaptensport vraagt duurzame sportdeelname om een samenhangende aanpak. Gemeenten, sport- en beweegaanbieders, zorgorganisaties, onderwijsinstellingen en maatschappelijke partners spelen daarbij allemaal een rol. Wanneer die samenwerking goed op elkaar aansluit, ontstaat een doorlopende ‘meedoen-route’: een systeem waarin mensen kunnen starten met sporten, tijdelijk kunnen stoppen en later weer kunnen instromen wanneer dat beter past.

Sportdeelname is een maatschappelijke opdracht

Nike Boor, directeur van Fonds Gehandicaptensport: “Sportdeelname is geen aan-of-uitknop. Mensen bewegen mee met wat hun leven vraagt: soms starten ze, soms pauzeren ze en soms komen ze weer terug. Dat is geen uitzondering, maar onderdeel van het proces. De doelgroep bepaalt het tempo. Gemeenten, sportaanbieders, zorg, onderwijs en maatschappelijke partners zorgen samen dat de ondersteuning daarop aansluit. Met een doorlopende meedoen-route verbinden we mensen structureel aan passend sport- en beweegaanbod. Want meedoen = winnen, niet als sportieve uitslag, maar als maatschappelijke werkelijkheid.”

Het onderzoek stelde ook 'word clouds' samen met wat mensen met een beperking aan het sporten houdt. Groot komt bij de drie groepen het woord 'begeleiding' terug.

Het percentage sportdeelname bij hardlopen voor mensen met een lichte tot matige beperking schommelt rond de 4 tot 6%. In deze twee groepen staat fitness bovenaan (bandbreedte 20 tot 23 procent). De wandelsport doet het ook goed in deze groepen met een sportdeelname tussen de 13 en 23%. Atletiek staat nog net in het top 10 lijstje van de groep mensen met een beperking 'matig belemmerd'. Bij de andere groepen wordt atletiek niet genoemd.

De Sportdeelname Index is een samenwerking tussen Fonds Gehandicaptensport, NOC*NSF en Verian, waarbij de sport- en beweegdeelname van 1.501 respondenten met een beperking in de leeftijd van 5 tot 80 jaar met zowel een lichte, matige als zware (ervaren) belemmering in kaart is gebracht. De uitkomsten zijn afgezet tegen het sport- en beweeggedrag van de totale Nederlandse bevolking. Het complete onderzoek is op www.fondsgehandicaptensport.nl/onderzoeken te bekijken.

Deel dit artikel